Eva Meijer - Het vogelhuis

Eva Meijer - Het vogelhuis (NL, 2016)

De biep heeft zo zijn voordelen, zeker nu die van ons ook steeds meer engelstalige literatuur aanbiedt. Er zit echter ook een nadeel aan het gebruik van de biep, en dat is dat je soms lang op reserveringen moet wachten. En als je dan net iets anders hebt gevonden om te lezen en daar lekker in zit, komen je reserveringen beschikbaar. En dan niet eentje, maar allemaal tegelijk. En aangezien dat meestal boeken zijn die ook anderen graag willen lezen, moeten ze binnen 3 weken uit zijn.
Zo kwam het dat ik in één keer dringend 3 boeken te lezen had:
The underground railroad van Colson Whitehead, Het vogelhuis van Eva Meijer en Golden Hill van Francis Spufford.
Met de Ondergrondse Spoorlijn was ik snel klaar, want ik merkte dat ik een beetje slavernij-/racisme-moe ben.
Het boek van Francis Spufford, een historische roman spelend in het 18e eeuwse New York is geschreven in het soort engels dat voor mij net een beetje te taai is, waardoor allerlei nuances mij ontgaan. Hiervoor is het dus wachten op de vertaling.
En zo bleef Eva Meijer over.

Het Vogelhuis is gebaseerd op de levensgeschiedenis van Gwendolen (Len) Howard, die in 1894 in het britse Wallington geboren werd. Haar vader is dichter en ook een groot natuurliefhebber, die regelmatig jonge en zieke vogels mee naar huis neemt. Zo komt Len aan haar kraai Charles en ontdekt ze al vroeg dat ook vogels individuen zijn, een eigen karakter hebben. 
Gwendolen is een begaafd musicienne, vooral op de viool is ze virtuoos. Thuis treedt ze regelmatig op als haar vader de dichter 'salon' houdt. Rond haar 20ste vertrekt ze naar Londen, om in het orkest van Malcolm Sargent te spelen. Eva Meijer beschrijft haar als een wat teruggetrokken, maar heel krachtige vrouw die weet wat ze wil, en die vooral haar vrijheid koestert. 
Ze heeft steeds minder contact met haar familie (ze heeft een zuster en 2 broers) wat vooral wordt veroorzaakt door haar moeder, een ziekelijke en moeilijke vrouw. 
Ze ontmoet tekenaar Thomas, die met haar wil trouwen, maar naast Len ook andere vriendinnen heeft, iets waar Len niet mee kan leven.
Na de dood van haar vader koopt ze in 1938 van de erfenis een cottage op het platteland, in Ditchling en gaat zich toeleggen op het bestuderen van vogels. Het is in deze cottage dat ze haar artikelen voor een gerenommeerd natuurtijdschrift schrijft. Later wordt ze gevraagd een boek te schrijven over haar ervaringen met vogels. Uiteindelijk verschijnen er 2 boeken die in die tijd ook veel succes hebben: Birds as individuals en Living with birds.

Eva Meijer heeft geprobeerd zich in te leven in deze vrouw en hoe zij ertoe gekomen is om haar leven als succesvol violiste de rug toe te keren en zich af te zonderen op het platteland met haar vogels. Ze doet dit vrij schetsmatig maar als lezer krijg je toch een goed beeld van dat leven. Deze schetsen worden afgewisseld met fragmenten uit haar vogeldagboek, die vooral gaan over één specifieke koolmees, Ster. Want Len gaf al haar vogels namen, ze kon ze ook allemaal uit elkaar houden. Ze was haar tijd ver vooruit, want ze geloofde niet in het bestuderen van dieren in gevangenschap, dat gaf volgens haar geen goed beeld van hoe dieren zich gedragen en wat ze kunnen. Iets wat Frans de Waal anno 2017 bevestigt in zijn boek Zijn wij slim genoegd om te weten hoe slim dieren zijn. 

In het begin geloofde ik niet dat de dagboekfragmenten echt waren, want ik las over een vrouw die letterlijk haar huis deelt met vogels, ze vliegen in en uit en sommigen slapen ook binnen. De vogels zitten op haar schoot, op haar schouder en zelfs op de potten en pannen. Ik dacht: dit kan toch niet waar zijn, dat wordt toch een vreselijk bende met die poepende vogels in je huis? Later las ik dat ze dan ook al haar meubels bedekt had met kranten om de boel een beetje schoon te houden.  Ze wint op deze manier wel het vertrouwen van 'haar' vogels, en met Ster doet ze zelfs tel-experimenten. Bezoekers heeft ze dan liever niet meer, want die verstoren de rust van de vogels. 

Het Vogelhuis is een boeiend verhaal over een vrouw die onverstoorbaar haar eigen gang is gegaan, zonder enige wetenschappelijke basis, dwars tegen de heersende meningen in haar onderzoek is gaan doen en daar in haar tijd erg succesvol mee was. Na haar dood is ze vrij snel vergeten, wat zeer onterecht lijkt.
Het Vogelhuis heb ik gelezen als een erg rustgevend boek, een natuurboek. En ik kijk nu toch anders naar de koolmezen in mijn eigen tuin....






Eva Meijer is een multi-talent. Ze is naast schrijfster ook beeldend kunstenaar, filosoof en singer-songwriter. Uit de combinatie van haar liefde voor dieren en filosofie-studie is haar interesse voor dierethiek voortgekomen, daarnaast heeft ze een boek gepubliceerd getiteld Dierentalen, "een populair wetenschappelijk boek over talen van niet-menselijke dieren, en de vraag wat taal eigenlijk is".
Het Vogelhuis is haar derde roman.

Ali Smith - Autumn

Ali Smith, Zadie Smith....ik haal ze altijd door elkaar, maar in dit geval was het Ali Smith, van wie ik het boek Autumn las. Nu heb ik nog niet eerder een boek van Ali gelezen, maar ik werd een beetje (onaangenaam)  verrast door het experimentele karakter van dit boek; ik las dus een boek wat nogal uit mijn comfortzone ligt, want eigenlijk houd ik niet van experimentele literatuur.  

Experimenteel wil in dit geval zeggen: a. een verzameling van dromen, essays, proza, gedachten, kunstverhandelingen b. voortdurend in de tijd heen en weer springend en c. dit alles zonder enige plot.

Dit boek wordt in diverse reviews aangeprezen als de eerste 'post brexit novel' maar dat is een beetje vreemde duiding voor dit boek, waarin de brexit wel wordt genoemd maar het er niet echt over gaat. Zijdelings gaat het wel over immigranten en het aanvragen van een paspoort door de hoofdpersoon speelt door het boek heen een flinke rol. Daarover gaat trouwens een hoofdstuk wat ik echt hilarisch vond. Waarin Elisabeth Demand (what's in a name, maar volgens de moeder van Elisabeth komt de naam van 'de monde') bij de burgerlijke stand een paspoort gaat aanvragen en zij en de dienstdoende ambtenaar elkaar de loef proberen af te steken met spitsvondigheden over haar aanvraag.

Naast Elisabeth en haar moeder hebben we dan nog over Daniel Gluck (ooit een immigrant). Demand en Gluck, het ligt er te dik boven op om symbolisch te zijn, toch?  Daniel komt naast de dan nog piepjonge Elisabeth wonen, wiens vader met de noorderzon vertrokken is. Daniel, dan al in de tachtig, neemt een beetje de vaderrol over door veel met Elisabeth op te trekken. Je wenst elk kind zo'n vriend toe, bij wie je met al je vragen terecht kunt en die steevast met wijze antwoorden komt die je gedurende de rest van je leven blijft herkauwen.

één van de door Elisabeth beschreven schilderijen van Boty
Daniel maakt diepe indruk op Elisabeth met zijn beschrijving van ooit door hem verzamelde kunstwerken ('arty art').  Elisabeth komt er later achter dat de meest  kleurrijke beschrijvingen gaan over schilderijen van de (werkelijk bestaande) vroeg overleden Britse pop art kunstenares Pauline Boty, een nogal markante persoonlijkheid met een sterk feministische inslag. Over deze Pauline volgt dan een essayistisch hoofdstuk waarin onder andere haar roerige leven aan bod komt. Eén van haar beroemde schilderijen is een bijzondere pose van de britse 'spionne' Christine Keeler. Waarna dan weer een hoofdstuk volgt over Christine Keeler.

Het boek begint met een droom van de inmiddels 101-jarige Daniel die dan net is opgenomen in een verzorgingshuis, en eindigt als hij wakker wordt, met Elisabeth naast zich. Het vermeende thema van dit boek is de tijd. Het is dat ik dat ergens las, ik zou het er zelf niet uitgehaald hebben. Maar ik ben zowiezo voorzichtig geworden met analyses van de bedoelingen van de schrijver, het interesseert me ook steeds minder wat een ander meent dat de schrijver heeft bedoeld (behalve als het de schrijver zelf is). Het boek moet me iets doen, het moet een resonantie opwekken, en dan haal ik er mijn eigen betekenis wel uit.

Sommige hoofdstukken vond ik echt de moeite waard, het boek is gewoon heel goed geschreven maar als geheel was het voor mij niet overtuigend, maar het was dan ook niet mijn soort boek.
Het is de eerste in een 'vier seizoenen reeks' maar ik denk dat het wel duidelijk is dat ik de andere seizoenen aan me voorbij laat gaan.




Stress!

Witte Hoogendijk & Wilma de Rek - Van Big Bang tot Burnout; het grote verhaal over stress
non-fictie, NL, 2017

Het bedrijf waar ik werk verkeert al zo'n vier jaar in een reorganisatiefase. Omdat het een groot bedrijf is en vrijwel alles tegelijk gebeurt, leidt dat nu tot een vrij grote chaos waarbij veel mensen in een andere functie, in een ander team en op een andere plek terecht zijn gekomen. Wat ik zelf nu goed zie, is dat leeftijd hierbij nogal bepalend is voor het effect dat zo'n verandering op je heeft. Jonge mensen pakken het vrij gemakkelijk op, ze zijn nog flexibel, hebben veel veerkracht en veel energie, waardoor ze verandering vooral aangrijpen als een kans om te laten zien wat ze in huis hebben. Terwijl oudere werknemers zich toch veel moeilijker voor weer een nieuw karretje laten spannen. Het is soms schrijnend om te zien hoe ellendig mensen zich in zo'n situatie voelen en zelf sta ik af en toe ook stijf van de stress.  
Enfin het was in deze stemming dat ik Van Big Bang tot Burnout ter hand nam. 
Maar daar waar ik verwachtte een concreet verhaal over stressfactoren en oplossingen aan te treffen, las ik in plaats daarvan een, voor een groot deel nogal wetenschappelijke, verhandeling over onze evolutie, DNA, DNA-sequencing, eiwitten en methylgroepen. Dat viel niet mee. 

Het komt er op neer dat ons stress-systeem vanaf ons 'vissen-stadium' niet wezenlijk veranderd is. Onze evolutie is relatief gezien zó snel gegaan dat wij nog geen tijd hebben gehad onze stress-respons aan te passen aan de moderne snelle wereld met zijn overdaad aan prikkels. Helaas zit een uniek menselijke eigenschap, onze verbeelding, ons hierbij nog extra in de weg, omdat wij ons gevaren kunnen inbeelden die er helemaal niet zijn. 
En hoewel ons DNA al vanaf de geboorte vastligt, is het aflezen daarvan een dynamisch proces waarbij code wel of niet wordt afgelezen, afhankelijk van bepaalde chemische processen. Men noemt dit 'de methylering van het DNA'.  
Die processen kunnen op gang gebracht worden door zowel externe als interne invloeden.  Het milieu, wat je eet, of je rookt, hoeveel je beweegt, maar dus ook stress, alles is van invloed op de manier waarop je genen 'tot expressie komen'. 

Dit leidt tot de conclusie dat stressgerelateerde aandoeningen (overspannenheid, depressie maar ook hart-en vaatziekten, lage rugpijn, hoofdpijn en RSI horen daartoe) worden veroorzaakt door zowel omgevingsfactoren als genetische kwetsbaarheid. De gedachte is dat, omdat het aantal stressgerelateerde aandoeningen nogal stijgt, de omgevingsfactoren een steeds groter beslag leggen op onze stressrespons, die hiertoe niet is toegerust, waardoor het stress-systeem 'nare bijwerkingen gaat geven die wij ervaren als het stressgevoel'. Belangrijk hierbij is te weten dat langdurige stress kan leiden tot onomkeerbare veranderingen in de hersenen, die weer tot depressie kunnen leiden. 

Maar wat te doen? 
Een praktische en concrete 'oplossing' wordt ons in het laatste hoofdstuk aan de hand gedaan. 
"Het inzicht in wat de stressoren zijn en waar ze vandaan komen, is meteen ook het begin van de oplossing. Sommige stressoren kun je namelijk gewoon uitschakelen. Soms letterlijk - door je mobiel uit te zetten, of door werk zo te organiseren dat mensen niet belachelijk vroeg kun bed uit hoeven om massaal in de file te gaan staan, door ze hun autonomie terug te geven, ze hun zwakheden te gunnen - maar sowieso figuurlijk, door je te realiseren dat veel stressoren zijn ingebeeld. Ze zitten in je hoofd. Daar kunnen ze ook weer uit. (.....) Wat je verder kunt doen is het bijstellen van je verwachtingen. We leven in een maatschappij die gedomineerd wordt door een merkwaardig soort geluksterreur. Geluk moet, wie niet gelukkig is is mislukt en moet behandeld worden. Maar als je naar onze evolutionaire geschiedenis kijkt, zie je dat 'je gelukkig voelen' helemaal niet per definitie bij de doelen van het leven hoort. Het leven heeft geen ander doel dan leven. (.....) Homeostase, dat is de toestand waar elk organisme van nature naar streeft: alles functioneert, de boel is in balans. Overbelasting van het systeem kan tot een verstoring van die balans leiden."

Het is maar dat u het weet.







Geert Mak - De levens van Jan Six

Geert Mak - De levens van Jan Six
non-fictie, NL 2016

De ondertitel van dit boek luidt: 'Een familiegeschiedenis'. Maar Mak zou Mak niet zijn, als hij niet heel erg uitwaaiert, dus gaat dit boek niet alleen over 9 generaties Six, maar ook over de geschiedenis van Nederland en specifiek van Amsterdam, waarbij geen detail wordt geschuwd. Van de oorlogen met Spanje, Frankrijk en Engeland tot wat er in de 17e eeuw op tafel kwam, alles komt aan bod.  Dat maakt het lezen enerzijds wel wat onrustig, maar anderzijds ga je je niet snel vervelen.

Daar waar ik bij de vorige boeken van Geert Mak 'In Europa' en 'Reizen zonder John' na een paar pogingen ben afgehaakt (te schoolmeester-achtig) werd ik door dit boek de geschiedenis in  gesleept. Dat komt niet in het minst doordat Geert Mak heel dicht bij de familie Six is gekomen, met als effect dat zijn betrokkenheid en enthousiasme doorklinkt in de tekst.

De geschiedenis van 'Jan Six' begint als Charles Six rond 1586 met zijn familie vanuit het Noord-Franse Saint-Omer naar de Noordelijke Nederlanden trekt, in de grote golf vluchtelingen en emigranten die, vooral om religieuze redenen (Protestanten waren niet gewenst in de Zuidelijke Nederlanden) noordwaarts trokken. De familie Six had toen al een aanzienlijk vermogen verdiend in de lakenindustrie, zodat Charles in Amsterdam, waar de Sixen neerstreken, goed kon investeren in de stoffenhandel en later ook in de stoffenververij. Amsterdam was destijds nog een middeleeeuwse, kleine maar drukke stad in de polder, aan het IJ. Zijn zoon Jean, die met broer Guillaume de handel overneemt, trouwt met Anna Wijmer (ook afkomstig uit het Zuiden) en uit dit huwelijk wordt in 1618 als tweede kind (in 1612 kregen ze zoon Pieter) onze eerste Jan Six geboren.
Wat volgt is 9 generaties Jan Six, het tot bloei komen van Amsterdam, de geschiedenis van de Republiek en de politiek  en de opkomst van de Oranjes om maar een paar dingen te noemen.

Een thema wat ik uiteindelijk heel sterk terugvond in dit boek, was de geschiedenis van de (Nederlandse) adel door de eeuwen heen. Tot halverwege de 17e eeuw kende men in Amsterdam geen adel. De posities van de regenten werden ingenomen door hardwerkende mannen die door hun verdiensten hoge posities verwierven in het stadsbestuur. Vrijwel alle regenten waren tegelijkertijd ook koopman. Vanaf de tweede helft van de 17e eeuw lieten de rijk geworden burgers zich een aristocratische levensstijl aanmeten en gingen hun posities in het bestuur over van vader op zoon. Het waren pseudo-aristocraten, die buitenhuizen verwierven en daarmee ook adelijke titels als vrijheer en heer. Ook de Sixen verwierven in de loop der generaties verschillende buitenhuizen, o.a. in Egmond en Hillegom. Waar ik trouwens nooit bij stilgestaan had is dat men aanvankelijk ook een erg praktische reden had om zomers naar een buitenhuis te trekken, de grachten van Amsterdam stonken door de warmte zo erg dat het niet om uit te houden was.
In de 18e eeuw nam de aristocratisering in rap tempo toe, maar de aristrocratie werd nu een zelfgenoegzaam volkje, dat het onderscheid in rangen en standen versterkte, het Frans als voertaal had en zich "een levenshouding van onverstoorbaarheid en genotzucht' aanmat." Aan deze levensstijl kwam een abrupt einde met het uitroepen van de Bataafse republiek in 1796. In één klap was "het systeem waarbinnen de regentenfamilies huwelijken en allianties hadden gesloten, ambten hadden verdeeld en gunsten hadden ontvangen en verleend, voorbij."

In de epiloog concludeert Geert Mak zelf, gezeten in het huis waar hij zoveel tijd heeft doorgebracht, namelijk dat van de tiende Jan Six, de huidige heer des huizes, dat dit boek vooral gaat over ongelijkheid en ongelijkwaardigheid. De ongelijkheid, nog een vaststaand gegeven ten tijde van de eerste Jan Six, die langzaam verkruimelt in de loop van de 8 volgende generaties.

Het boek bevat een uitgebreide bibliografie, ook worden per hoofdstuk de belangrijkste bronnen aangegeven. Gelukkig bevat het ook, als allerlaatste bladzijden, een stamboom van de Sixen.
Wat ik zelf jammer vond, was dat er geen illustraties zijn opgenomen (afgezien van een kleine afbeelding aan het begin van elk hoofdstuk).

Samengevat een prettig boek voor wie geinteresseerd is in de vaderlandse geschiedenis.
Zie ook de bespreking van Bettina!




De nieuwe wereld van Erika Johansen

Erika Johansen: De invasie van de Tearling (2016)
Oorspronkelijke titel: The invasion of the Tearling (VS, 2015)
deel II van de Tearling trilogie

Met dit boek heb ik wel heel erg lekker in mijn eigen bubbeltje gezeten. Wat een heerlijk boek! Erg spannend met veel intriges en een paar interessante verhaallijnen waarvan, ook aan het eind van dit tweede deel, nog niet helemaal duidelijk is hoe die verhalen met elkaar in verband staan.

En met een intrigerend thema; de Tearling is een land dat is gesticht door kolonisten onder leiding van ene William Tear, die rond 2058 de Verenigde Staten zijn ontvlucht en de oversteek hebben gemaakt naar een nieuwe wereld. Maar dat was geen oversteek in de ruimte, maar in de tijd.
Rond die tijd is de 'oude wereld'  onleefbaar geworden; er is een enorme kloof tussen arm en rijk, de armen worden onderdrukt door een kleine rijke bovenklasse, er zijn godsdienstoorlogen, boeken zijn verboden, vrouwen zijn een lagere klasse (alleen geschikt voor het krijgen van nageslacht en het ter beschikking staan van de man). Technologie is allesoverheersend geworden en hebzucht de belangrijkste factor. Kortom een wereld waar wij zomaar heel hard op kunnen gaan lijken.

Een klein groepje wil deze wereld ontvluchten en helemaal opnieuw beginnen: zonder technologie, zonder God. In een wereld waarin iedereen gelijk gelijk is. Met pionieren moet deze nieuwe wereld, de Tearling, vormgegeven worden. Mét boeken, die, omdat er maar een beperkt aantal boeken kon worden meegenomen bij de Oversteek, schaars zijn geworden en een belangrijke rol spelen in het leven van Kelsea, afstammeling van de al heel lang regerende Raleigh familie. Want inmiddels lijken er een paar honderd jaar voorbij gegaan te zijn. Kelsea is nu koningin, en zoals dat gaat, hebben ook in de Tearling hebzucht, macht en landjepik hun intrede gedaan. En Kelsea heeft een paar dingen, die de koningin van het buurland, de Rode Koningin, graag wil hebben......aanleiding voor een invasie van de Tearling.
Daarbij speelt mee dat Kelsea op de één of andere manier een connectie heeft met een vrouw die de Oversteek heeft meegemaakt en via haar terug kan kijken in de tijd.
Ik vat het nu even simpel samen zonder iets weg te geven, maar neem van mij aan dat zich hier een bloedspannend verhaal ontvouwt, dat ook aan het eind nog veel vragen openlaat die vast in het derde deel beantwoord zullen worden. Dat derde deel, The Fate of the Tearling, is overigens nog niet vertaald.
Een waarschuwing is wel op zijn plaats, dit is geen boek voor softies. Er zitten wat gruwelijke en soms ook bloederige scenes in, dus je moet wel tegen een stootje kunnen.






Hoera de katten zijn er ook weer!